Tips en tops van de ‘Russische meesters’

Tips en tops van de ‘Russische meesters’
Er gaapt vaak nog een kloof tussen wat we weten en wat we doen in het onderwijs. Dat geldt zeker ook voor beeldende activiteiten. In de dagelijkse praktijk zien we leerkrachten helaas nog steeds heen en weer geslingerd worden tussen twee benaderingen. Beide manieren van aanpak dragen nauwelijks bij aan de beeldende ontwikkeling van kinderen. 

De ene benadering is het laisser-faire. Deze is in het leven geroepen door de Vrije Expressie beweging in de jaren 50 van de vorige eeuw. Dat was een reactie op die andere, tot de oorlog populaire benadering: het namaken van het voorbeeld van juf of meester. Beiden leiden vaak tot teleurstellende resultaten. De benadering van het laisser-faire heeft tot gevolg dat van de groep van 25 kinderen er slechts een klein aantal, meestal de talentvolle kinderen, een bevredigend resultaat boekt en goed gedijt. De rest haakt gaandeweg af. Bij de andere methode, waarbij de juf of meester het voordoet en de kinderen het werk kopiëren, is het resultaat ook teleurstellend. Door een gebrek aan betrokkenheid worden de ‘werkjes’ zielloos en afgeraffeld en is er eveneens nauwelijks sprake van beeldende ontwikkeling. Veel leerkrachten zouden het ook graag anders zien maar missen de kennis om dit te veranderen.

Centrale vraag is nu: ‘Op welke manier kan ik als leerkracht de beeldende ontwikkeling van kinderen ‘daadwerkelijk’ stimuleren?’ Voor raad in dit dilemma slaan we er twee Russische (oude) meesters op na, die de afgelopen decennia herontdekt zijn: Lev Vygotski en Piotr Galperin. Het is hier niet de plaats om over hun onderzoek en bevindingen uit te weiden, dus worden het ‘tips en tops’.

  • Kies een passende uitdaging en maak die ‘betekenisvol’. Besteed aandacht aan de ‘inleving’ in de opdracht/uitdaging door in het onderwerp te duiken (Vygotski).
  • Zorg ervoor dat de opdracht, zonder jouw aansturing, ‘net te moeilijk’ is om zelfstandig uit te voeren. Zo creëer je een ‘zone van naaste ontwikkeling’ die kinderen uitdaagt. Kinderen zelf laten aanrommelen met een makkelijke opdracht houdt ze in de ‘zone van actuele ontwikkeling’, waardoor verveling optreedt (Vygotski).
  • Doe veel voor, maar haal voorbeelden ook weer weg. Voordoen is de oudste en krachtigste leervorm. Maar let op: vraag het kind niet jou te kopiëren! 
    Tips en tops van de ‘Russische meesters’
  • ‘Trial and error’ is in veel opzichten een slechte leerstrategie. Kinderen vertonen vooral de neiging om fouten makkelijker te herhalen dan nieuwe inzichten toe te passen (Galperin). Zo balen veel mensen ervan dat, als ze een menselijke figuur willen tekenen, steeds weer datzelfde onhandige ‘poppetje’ maken. Het is een schematisch tekeningetje van een kind van 6 jaar dat nooit is doorontwikkeld.
  • Probeer daarom tijdens het voordoen zoveel mogelijk kernachtig te verwoorden. Laat horen hoe je kijkt, horen hoe je onderzoekt en overweegt, horen hoe je je eigen handelingen beoordeelt (Vygotski: analyse, denkwijze, overwegingen, mogelijkheden).
  • Laat ook de kinderen tijdens het werkproces en achteraf veel verwoorden: wat ze doen, onderzoeken en kiezen uit mogelijkheden ect. (Galperin).

Laat maar Zien heeft de inzichten van deze meesters vertaald in de procesgerichte didactiek. De leerkracht is zeer aanwezig en bemoeit zich op 4 manieren met de kinderen, en wel door:

  • samen te kijken en analyseren (beschouwing)
  • samen te werken aan materiaalbeheersing (werkwijze)
  • samen te zoeken naar nieuwe mogelijkheden (onderzoek)
  • samen te reflecteren en de resultaten van bovenstaande acties af te stemmen op de persoonlijke keuze (authenticiteit)

Probeer ze maar eens uit in de praktijk. Lev en Piotr, onze Russische Meesters, zullen vanaf hun wolk met tevredenheid toezien hoe leerkracht en kinderen gedijen. 

Terug naar boven
© 2017 Stichting Beeldend Onderwijs

Van werken van beeldend kunstenaars aangesloten bij een CISAC-organisatie is het auteursrecht geregeld met Pictoright te Amsterdam. © c/o Pictoright Amsterdam 2012